Algemene uitgangspunten

1.   Algemene uitgangspunten


Autisme is een pervasieve ontwikkelingsstoornis. Een andere manier van denken en waarnemen bij uw kind leidt tot kwalitatief andere communicatie, sociale vaardigheden en verbeelding.
In het werken met kinderen met autisme zijn er een aantal belangrijke elementen die steeds naar voren komen.

 

1.1. TEACCH

De uitgangspunten van het Teacch programma zijn wetenschappelijk onderbouwd. In het werken met kinderen met autisme worden volgende ‘Teacch principes’ algemeen aanvaard en ook door onze school toegepast:

  • Verduidelijking op maat van elke leerling. Op deze manier krijgt uw kind meer grip op de wereld. Bovendien draagt een aangepaste verduidelijking bij tot minder angst, verwarring, frustratie … bij uw kind.
  • Aanpassingen in 2 richtingen wil zeggen dat zowel de school als het kind met autisme zich moeten aanpassen aan elkaar. De grootste aanpassing moet hierbij komen van de sterkste partij, nl. de school. Deze aanpassingen beperken zich niet tot het klaslokaal of de school. Ook bij buitenschoolse activiteiten (uitstap …) zorgen we met de nodige aanpassingen dat uw kind zich comfortabel voelt.
  • Samenwerking met ouders is onmisbaar. U hebt als ouders een heel bijzondere kennis over uw kind. Deze willen we gebruiken in het werken met uw kind. De kennis van de school over autisme samen met uw kennis over uw ‘bijzonder’ kind vormen de basis voor goede ontwikkelingskansen.
  • Vertrekken vanuit een diagnose en onderzoek om te komen tot begeleiding op maat van uw kind zijn/haar noden. Als school stellen wij geen diagnose autisme, maar werken we wel samen met de instanties die dit opnemen. Wat we als school wel doen is van elk kind de sterktes en zwaktes in kaart brengen. Dergelijk (in-)formeel onderzoek laat toe om precies op maat van uw kind te werken. Zo vermijden we dat we uw kind overschatten of onderschatten.
  • De school streeft een basiskennis van autisme bij alle personeelsleden Uw kind heeft recht op leerkrachten, opvoeders en therapeuten die gespecialiseerd zijn in autisme. Daarom wordt ons personeel blijvend bijgeschoold.
  • Accent op vaardigheden en positieve resultaten van uw kind i.p.v. enkel te kijken naar wat moeilijk loopt. Door het accent te leggen op de mogelijkheden en de interesses van uw kind zorgen we er ook voor dat uw kind graag naar school komt.

 


1.2. Ijsbergdenken

Het ijsbergdenken staat centraal in de benadering op school. Het zichtbare gedrag van uw kind wordt in het topje van de ijsberg geplaatst. Onder de ‘zeespiegel’ plaatsen we de moeilijkheden die uw kind ervaart vanuit zijn/haar autisme. Samen met u gaan we op zoek naar de oorzaken van het gedrag door ons te verplaatsen in het denken en waarnemen van uw kind.

ijsbergdenken

1.3. Individueel handelingsplan

In het handelingsplan staat neergeschreven hoe men met uw kind zal werken. Hierin vindt u terug wat aangeleerd zal worden en welke stappen hierin nodig zijn. Ook u wordt als ouders bevraagd naar wat u belangrijk vindt om aan te leren. Elk handelingsplan maakt de evenwichtsoefening tussen de aanpassingen in de omgeving – die nodig zijn voor uw kind om tot leren te komen – en de vaardigheden die uw kind aanleert. In specifieke klassen is dit een individueel handelingsplan; in andere klassen een groepswerkplan met sterke differentiatie.

1.4. Aanpassingen in de omgeving

Per leerling bekijken we een aantal elementen die samen zorgen voor een aangepaste omgeving op maat. Aan de hand van een grondige beeldvorming worden bepaalde gevoeligheden van uw kind in rekening gebracht zodat we hiermee rekening kunnen houden. Denk hierbij aan:

  • Aanpassingen op sensorieel vlak
  • Aanpassingen van onze communicatie
  • Aanpassingen van de sociale omgeving
  • Aanpassingen van tijd en ruimte, taken en opdrachten


2.   Werking Auti-type 2

 


2.1. Verduidelijking van ruimte

De klas is een plaats voor veel verschillende activiteiten. Er is een rijk en gevarieerd aanbod. Voor uw kind is het fijn om de indeling van de klas goed te begrijpen: welke activiteit heeft waar plaats en wat wordt er verwacht? Daarom heeft elke klas een duidelijke indeling.

Naast de aanleertafel en werkhoeken vindt u er ook een ruimte waar uw kind zowel vrij kan spelen (niet-georganiseerde vrije tijd) of een vrijetijdsactiviteit kan doen die we op maat van uw kind hebben aangepast (georganiseerde vrije tijd). Daarnaast is er ook een keuken, een plaats om muziek te beluisteren en een ontspanningsplek waar de nadruk vooral ligt op ‘zintuiglijke beleving’.

Zo een heldere omgeving zorgt er mede voor dat uw kind zich niet voortdurend moet afvragen wat er verwacht wordt. Bovendien is het duidelijk waar uw kind alleen bezig zal zijn en waar het samen met de leerkracht of met andere kinderen een activiteit zal doen. Ook dat geeft rust.

 

2.2.  Verduidelijking van tijd

Voor de meeste kinderen met autisme is het belangrijk om een antwoord te krijgen op volgende vragen: wat, wanneer, waar, hoe en met wie moet ik iets doen? Daarom gebruiken we verschillende vormen van ondersteuning aangepast aan elk kind in de klas. Zo heeft elk kind een individueel dagschema op maat qua vorm, duur en gebruik. Kinderen die nog niet werken met een centraal dagschema, krijgen hun verwijzer in de hand. De meeste kinderen hebben ook een werkschema dat de zelfstandige taken in de werkhoek verduidelijkt. Ook dit is aangepast qua vorm, duur en gebruik aan ieders individuele noden. Kinderen die moeite hebben om hun eigen opdrachtjes te organiseren krijgen ook hierin ondersteuning.
Verder worden er ook allerlei kalenders, timetimers en andere vormen van tijdsverduidelijking gebruikt.
Al deze aanpassingen zorgen ervoor dat uw kind duidelijk weet wat er komt en dat het zich op een zo zelfstandig mogelijke manier doorheen een goed gevulde schooldag kan bewegen.

2.3.  Bijzondere aanpassingen

  • Bescherming tegen teveel prikkels: vele kinderen met autisme hebben een bijzonder gevoelige waarneming. Ze vinden het moeilijk om een overdaad aan prikkels te verdragen. Daarom houden we de klas rustig. We hangen niet alle muren vol (de werkjes van de kindjes komen op één plaats te hangen), we voorzien bescherming (hoofdtelefoons om even wat te schermen van het lawaai), aangepaste verlichting, enz.
  • Communicatie: uw kind begrijpt onze verbale opdrachten vaak het beste wanneer we deze beperken tot korte en duidelijke zinnen. Waar mogelijk zetten we visuele ondersteuning in. Om ons als leerkracht optimaal af te stemmen op uw kind, passen we onze communicatie aan en geven we voldoende tijd om onze boodschap te verwerken en er op te reageren.
  • Sociale bescherming: groepsmomenten (middagmaal, onthaal …) lukken gemakkelijker wanneer de groep kleiner wordt gehouden. Kinderen die het ook in beperkte groep moeilijk vinden, hoeven niet deel te nemen aan deze momenten. We overleggen dit steeds met u als ouders.
  • Taken en opdrachten: nieuwe vaardigheden worden steeds aangeleerd in een leermomentje met individuele begeleiding. Dit gebeurt aan het vertrouwde tafeltje en wordt goed georganiseerd. Wat daar wordt aangeleerd, wordt verder zelfstandig ingeoefend en dan ook toegepast in andere omgevingen. We zorgen dat wat het kind leert meteen een plaats krijgt in het ‘echte leven’, zo krijgt uw kind ‘zin’ om verder bij te leren. Het ervaart dat het er iets mee kan!

 

2.4.Klasindeling

In elke klas wordt aan heel veel vaardigheden gewerkt. Maar afhankelijk van de noden van de groep kinderen  ligt de klemtoon in elke klas ook  op een bijzondere zorg. In bepaalde klassen ligt de klemtoon heel sterk op het ontwikkelen van communicatie, in andere op de vaardigheden die nodig zijn voor de vrije tijd, nog andere werken vooral rond schoolse vaardigheden. We brengen voor elk kind zijn of haar  mogelijkheden en moeilijkheden in kaart en kiezen voor een klas die de beste kansen biedt voor de toekomst.

Verder wordt ook met het sociale aspect van de klassamenstelling rekening gehouden. Zo gebeurt het dat kinderen qua focus in dezelfde klas zouden passen, maar dat hun kwetsbaarheden of gevoeligheden heel moeilijk te verenigen zijn. In zo’n situatie wordt het nodige leeraanbod voorzien in een sociaal meer aangepaste klas.

 

2.5.Lichamelijke opvoeding

Ook voor kinderen met autisme is ‘bewegen’ heel belangrijk. Niet alleen voor hun ontwikkeling, maar ook als ontspanning en vaak als uitlaatklep. Bewegen wordt leuker als ook hier de verwachtingen duidelijk zijn. Daarom werken we vaak met een motorisch parcours waar het verloop, de duur en de inhoud van alle (bewegings)oefeningen duidelijk zijn.

2.6. Speelplaats

Om de speeltijd enigszins ontspannend te maken voor uw kind, wordt deze georganiseerd en aangepast op basis van 4 pijlers:

  • Ook spelen op de speelplaats moet aangeleerd worden. We leren aan uw kind de vaardigheden die het nodig heeft, maar ook de ‘sociale regeltjes’ die ervoor zorgen dat het voor iedereen leuk blijft. Deze afspraken en ideeën komen in een persoonlijk boekje voor elke leerling. Zo blijft het duidelijk!
  • Op de speelplaats zijn er verschillende zones. Elke zone heeft een andere invulling: trampoline, in het zand spelen, fietsen, enz. In elke zone zijn maar enkele kinderen tegelijk. Zo blijft het voor iedereen comfortabel.
  • Soms moet de juf wel eens een soort scheidsrechter zijn op de speelplaats om er voor te zorgen dat alles goed verloopt. Als de kinderen zich aan de afspraken houden dan worden ze hiervoor beloond, doen ze dit niet dan kan er een verwittiging (gele kaart) of een straf (rode kaart) gegeven worden. Dit systeem wordt duidelijk, ook aan de ouders, uitgelegd.
  • Soms heeft uw kind het moeilijk en dan kan het ook op de speelplaats teveel worden. We leren uw kind om een signaal te geven wanneer hij/zij het moeilijk heeft en tot rust wil komen. In een aparte ruimte, weg van de speelplaats, kan uw kind dan op adem komen met een aanbod op maat.